Kastanjes

Deze week liep ik in een park in Roermond en daar kwam ik een oma tegen, met haar kleindochter aan de hand. Het meisje – ze was een jaar of zes, zeven – had een plastic tas bij zich en getweeën tuurden ze op de grond. Ze waren iets aan het zoeken, maar uit hun lichaamstaal kon ik opmaken dat ze het niet konden vinden. Ik vroeg waar ze naar op zoek waren (een bril misschien, of verloren sleutels?), maar toen zei het meisje: ‘Kastanjes’.

IMG_4095 (2)

Bolsters en vruchten van de witte paardenkastanje (links) en de tamme kastanje (rechts). Vijlen, 30 september 2018

‘Ha!’, dacht ik: ‘Dat is mooi!’ Zoektochten – en zeker zoektochten van kleine meisjes – moeten liefst uitlopen op een mooie vondst, want anders ligt frustratie op de loer. Ik wist dat er in de directe omgeving geen enkele kastanjeboom te vinden was en dus wees ik ze op een exemplaar dat een paar honderd meter verderop stond. Dáár zouden ze vast iets kunnen vinden.

Lang geleden, in datzelfde Roermond, was het elke herfst raak. Mijn favoriete bomen stonden op de hoek van de Hertenerweg en de Roerderweg, zo’n twee kilometer van huis. Ver weg voor een kleine meid en ik durfde mijn moeder dan ook niet te vertellen waar ik naar toe ging. Dagen van te voren plande ik mijn trip, waarbij het me meer ging om het avontuur van het rapen, zo ver van huis, dan om de kastanjes zelf. Ik weet nog dat ik eens terugkwam met goedgevulde zakken en dat mijn moeder vroeg waar ik ze geraapt had. ’O, vlak bij’, antwoordde ik zo achteloos mogelijk, maar achteraf bezien heb ik niet de illusie dat mijn opmerkzame moeder me niet door had.

De kastanjes die ik daar op dat kruispunt raapte waren niet eetbaar. Ik kende het verschil nog niet tussen de eetbare tamme kastanje en de niet eetbare paardenkastanje. Een kastanje was een kastanje en het ging immers om het rapen. Pas later leerde ik dat ze weliswaar allemaal kastanje worden genoemd en dat ze allemaal in stekelige bolsters zitten, maar dat sommige van die gladde, bruine, glimmende vruchten wel eetbaar zijn en andere niet. Het is best vreemd dat vruchten die zo op elkaar lijken afkomstig blijken te zijn van bomen die zo van elkaar verschillen.

De niet-eetbare kastanje is de vrucht van de witte paardenkastanje (Aesculus hippocatanum, marronnier commun, gemeine Rosskastanie. Hij is te bitter om te eten. De soort werd rond de 17de eeuw als sierboom vanuit de Balkan in Noordwest Europa geïntroduceerd. De eetbare kastanje is de tamme kastanje (Castanea sativa, châtaignier, Edelkastanie), oorspronkelijk afkomstig uit de gebieden rond de Middellandse Zee. De Romeinen, zo kien op smaakvolle nutsgewassen, namen de soort tweeduizend jaar geleden al mee naar onze streken.

De bladeren konden niet méér verschillend zijn. Bij de een staan ze verspreid en bij de ander zijn ze tegenoverstaand. De bladeren van de paardenkastanje zijn vijf- of zevenvingerig en in de winter verteren ze snel. De bladeren van de tamme kastanje zijn enkelvormig en langwerpig, met scherp gezaagde randen en ze verteren maar heel, heel langzaam. In mijn tuin hebben de bladeren van de tamme kastanje de neiging om de hele winter door met alle winden mee te waaien en alle hoeken van de tuin aan te doen, waar ik ze dan in het voorjaar, volstrekt onverteerd, tussen de vaste planten uit moet vissen.

IMG_4099 (2)

De ronde vrucht van de witte paardenkastanje (links) en de afgeplatte vrucht van de tamme kastanje, inclusief wit pluimpje (rechts). Vijlen, 30 september 2018.

De bloeiwijzen verschillen, de bolsters verschillen, de basten, de knoppen, het aantal vruchten per bolster, ga zo maar door. Omdat ik nutsgewassen tien keer interessanter vind dan siergewassen gaat mijn hart uit naar de tamme kastanje. Daarom staat er een in mijn tuin. Dit heeft als gevolg dat ik tegenwoordig niet meer op avontuur hoef te gaan om te rapen, wat best jammer is. Het avontuur zoek ik nu in het experimenteren met recepten voor kastanjepuree. Van tamme kastanjes natuurlijk, hoewel de puree – verwarrend genoeg – door de Fransen en Duitsers respectievelijk crème de marrons en Maronencreme genoemd. Maar, gezoet of ongezoet: de kastanje blijft een van de grote geneugten van de herfst.

Advertenties

Over Hanneke Schreiber

Op het grensvlak van natuur en cultuur
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s